Demonstranten aangereden in Westerscheldetunnel

Hulpdiensten in Zeeland oefenen

Op 2 juni 2026 zijn rond 20.45 uur twee auto’s ingereden op een groep demonstranten in de Westerscheldetunnel. Hierbij is één persoon om het leven gekomen en zijn er ruim 30 gewonden gevallen, waaronder 10 ernstig.
De demonstranten reden iets na half negen de tunnel in met een touringcar. Nadat de touringcar tot stilstand kwam stapten zij uit, om zich daarna over de weg te verspreiden. Enkelen ketenden zich vast aan objecten in de tunnel. Twee auto’s reden vervolgens op hoge snelheid op de groep in. Het is nog niet duidelijk of er opzet in het spel was.

Hulpverlening kwam snel op gang, echter werd de start van de hulpverlening bemoeilijkt door de aanwezigheid van een geopende kleine radioactieve bron. De brandweer kon deze stralingsbron snel veiligstellen waarna overige hulpverleners hun werk konden doen.

Forensische opsporing kwam ter plaatse om de oorzaak van de aanrijdingen te achterhalen. De tunnel werd rond middernacht weer vrijgegeven.

Brandweer Zeeland oefent in Zwitserland tunnelbranden

Om goed voorbereid te zijn op grote en complexe incidenten zoals in de Westerscheldetunnel, is realistisch oefenen essentieel. In Zeeland zelf is dit echter niet mogelijk, waardoor wordt uitgeweken naar gespecialiseerde oefenlocaties. De trainingen vinden plaats bij de International Fire Academy (IFA) in Balsthal, Zwitserland.

Van planning naar scenario

De tunnelwet stelt dat periodiek realistisch geoefend moet worden in tunnels. Zo zijn deze oefeningen vast onderdeel geworden van de multidisciplinaire oefenkalender. Al in het voorgaande jaar wordt bekend op welke data onderhoud zal worden gepleegd aan de tunnel, daarvan maken VRZ en de tunnelbeheerder (in dit geval NV Westerscheldetunnel) gebruik om een realistische oefening te organiseren.

Het scenario komt tot stand vanuit oefendoelen. Zo was één van de doelen dat de Regionale Ambulance Voorziening (RAV) het proces van Grootschalige Geneeskundige Bijstand (GGB) zou beoefenen. Vanuit de doelen wordt dan gekeken welk scenario bijpassend is, maar ook haalbaar.

Vervolgens moet worden vastgesteld wie de deelnemers zijn, in welke aantallen en met welke voertuigen zij deelnemen en hoe zij (zonder de operationele diensten te verstoren) gealarmeerd kunnen worden. In dit geval namen deel de volledige meldkamer en de tunneloperators, en in het veld de RAV, het Nederlands Rode Kruis (NRK), de brandweer, de politie en NV Westerscheldetunnel.

Oefening

In dit geval namen deel de volledige meldkamer en de tunneloperators, en in het veld de RAV, het Nederlands Rode Kruis (NRK), de brandweer, de politie en NV Westerscheldetunnel. Coördinatie was belegd bij het Commando Plaats Incident (CoPI) en op afstand deed de Regionaal Operationeel leider (ROL) mee. De situatie ging al snel van GRIP 1 naar GRIP 2.

Stafleden die wat minder bekend zijn met zo’n oefening kregen een briefing zodat zij duidelijk hadden waar ze verantwoordelijk voor waren. Aan het hoofd van de oefenstaf stonden enkele oefenleiders. Eén in het bediengebouw bij de oefenstaf en bij het Commando Plaats Incident, één in de tunnel, verantwoordelijk voor het scenario en één in de tunnel, verantwoordelijk voor logistiek en veiligheid. Daarnaast waren ook ruim 35 figuranten die onder andere slachtoffers speelden.

Tijdens de oefening zijn mooie resultaten geboekt en natuurlijk ook leerpunten naar voren gekomen. Om deze nog beter in beeld te krijgen wordt een week later geëvalueerd met de deelnemers en oefenstaf. Het resultaat is dat jij erop kunt vertrouwen dat we op de juiste manier voor je klaar staan als het onverhoopt misgaat bij een rit door de tunnel. Volgens de organisatoren van de oefening was het de vier maanden voorbereiden waard!